Meer informatie kwartaalberichtWat ziet u in de kwartaalberichten?

In de kwartaalberichten leest u een algemene update over het (verwachte) pensioen voor uw werknemer. Door ontwikkelingen in de beleggingen en de rente kan het (verwachte) pensioen van uw werknemer hoger of lager worden.

Waarom ziet u verschil per leeftijdsgroep?

Uw situatie Wat ziet u meestal? Waarom is dat zo?
Jonger (uw werknemer bouwt pensioen op) Meer beweging in het pensioenvermogen van uw werknemer Uw werknemer betaalt nog lang pensioenpremie. In deze fase van zijn of haar pensioenopbouw beleggen we met meer risico, zoals in aandelen. Dit kan flink schommelen, maar levert op de lange termijn meestal een hoger verwacht pensioen op. Over de jaren kunnen meevallers de tegenvallers opvangen.
Middelbaar (uw werknemer bouwt pensioen op) Minder beweging in het pensioenvermogen van uw werknemer Uw werknemer heeft al meer pensioen opgebouwd. De nadruk verschuift stap voor stap naar bescherming. Dat betekent dat we voor het grootste deel met minder risico beleggen. Het doel is hier vooral om het opgebouwde pensioen van uw werknemer te beschermen.
Bijna met pensioen Meestal kleine veranderingen in het pensioenvermogen van uw werknemer We proberen grote en snelle veranderingen zoveel mogelijk te voorkomen. Het doel is hier vooral zorgen dat het pensioen stabiel blijft.


We gebruiken in de kwartaalberichten voorbeeldleeftijden zodat u ontwikkelingen kunt herkennen, ook als de exacte leeftijd van uw werknemer er niet bij staat. 

Als uw werknemer eerder pensioen opbouwde en nu niet meer

Betalen u en uw werknemer geen pensioenpremie meer? Dan groeit het pensioenvermogen van uw vroegere werknemer niet meer door nieuwe premie-inleg. Het verandert nog wel door beleggingsresultaten. Ook het verwachte pensioen van uw vroegere werknemer kan veranderen. Dit komt omdat de rente en economische ontwikkelingen invloed hebben op hoeveel pensioen uw vroegere werknemer later met hetzelfde pensioenvermogen kan ontvangen.

Voor wie pensioen ontvangt: stabiliteit en spreiding

Ontvangt uw (vroegere) werknemer pensioen? Dan kan dat pensioen elk jaar veranderen. Het pensioen kan omhoog gaan of omlaag gaan. BPF Schilders past dit pensioen één keer per jaar aan, op 1 januari. Hoeveel het pensioen verandert, hangt af van hoe het gaat met beleggingen en de rente.

BPF Schilders wil het pensioen zo stabiel mogelijk houden. Daarom: 

  • Verdelen we mee- en tegenvallers over tien jaar (spreidingstermijn). Zo voorkomen we dat het pensioen van uw (vroegere) werknemer in één keer sterk verandert. Lees meer bij de veelgestelde vragen onderaan deze pagina.

  • Kan het pensioen van uw (vroegere) werknemer één keer per jaar veranderen. Dat hangt af van het beschikbare spreidingsvermogen. Het spreidingsvermogen is geld dat het fonds gebruikt om stijgingen en dalingen van pensioenen over meerdere jaren te verdelen. Lees meer over de 'Jaarlijkse wijziging van uw pensioen'.

    Toen we overstapten naar de nieuwe pensioenregels, is een deel van het fondsvermogen apart gezet voor de reserves. De rest van het fondsvermogen is verdeeld over de pensioenen. Daardoor ging het pensioen van uw (vroegere) werknemer per 1 januari 2026 flink omhoog. In het nieuwe stelsel beginnen we opnieuw. Daarmee bedoelen we dat we op 30 september kijken hoeveel spreidingsvermogen er is. Is er genoeg spreidingsvermogen? Dan kunnen de pensioenen per 1 januari misschien iets omhoog. Is er te weinig spreidingsvermogen? Dan proberen we een verlaging van de pensioenen te voorkomen. Dat kan door de gezamenlijke reserve (solidariteitsreserve) van het fonds.

    Hoe werkt die reserve? 
    Het pensioenvermogen van uw werknemer beweegt onder andere mee met de beleggingsresultaten en de rente. Bij goede resultaten kan het pensioenvermogen van uw werknemer sneller groeien. Bij tegenvallende resultaten kan het dalen. Om dalingen van pensioenen op te vangen, houden we een reserve aan. Daarmee is het pensioen beter beschermd in mindere tijden, terwijl er ruimte blijft voor groei. We hebben deze solidariteitsreserve goed kunnen vullen. Er moeten heel veel slechte jaren na elkaar volgen, mocht dit fout gaan, maar het kan wel. Die kans is kleiner dan in het oude stelsel.

Veelgestelde vragen over het (verwachte) pensioen voor uw werknemer

Hoe wordt het persoonlijk pensioenvermogen berekend als uw werknemer pensioen opbouwt?

Het persoonlijk pensioenvermogen van uw werknemer is het bedrag waaruit hij of zij later pensioen ontvangt. Dat bedrag bouwen we stap voor stap op. 

Het persoonlijk pensioenvermogen bestaat uit: 

  • De premie die u en uw werknemer betalen.
  • De winst die of het verlies (rendement) dat we maken met de beleggingen.
  • Min de kosten voor het beheren van het vermogen. 

Elke maand gebeurt het volgende: 

  • We voegen het grootste deel van premie die u en werknemer betalen toe aan het persoonlijk pensioenvermogen van uw werknemer. Dat noemen we de premie die wordt ingelegd.
  • We beleggen het geld van het pensioenvermogen van uw werknemer. De ingelegde premie levert vanaf de volgende maand rendement op. 

    Een voorbeeld:
    Een periode* loopt van 23 maart tot en met 19 april 2026 (4 weken). De premie die u en uw werknemer dan inleggen, voegen wij op 19 april 2026 toe aan het persoonlijk pensioenvermogen van uw werknemer. Vanaf 1 mei 2026 krijgt uw werknemer rendement over deze premie.

    Gaat het goed met de beleggingen? Dan groeit het persoonlijk pensioenvermogen van uw werknemer. Gaat het slecht met de beleggingen? Dan kan het persoonlijk pensioenvermogen ook dalen. 

    *Dit wordt een PRIS-periode genoemd. Dat is een vaste periode van 4 weken die specifiek wordt gebruikt in de loon- en pensioenadministratie van bepaalde bedrijfstakken, zoals de schilders-, afbouw- en glaszetbranche.

Lees meer over beleggen in de pensioenregeling

Hoe berekenen wij het persoonlijk pensioenvermogen als uw werknemer in het verleden pensioen bij ons opbouwde?

Uw werknemer werkt niet meer in de schildersbranche. Daarom bouwt hij of zij bij ons geen pensioen meer op. En uw werknemer betaalt geen pensioenpremie meer. Het opgebouwde pensioen van uw vroegere werknemer staat nog wel bij ons. Dat is in de nieuwe pensioenregeling omgezet naar een persoonlijk pensioenvermogen. Het persoonlijk pensioenvermogen is het bedrag waaruit uw vroegere werknemer later pensioen ontvangt. Dat neemt alleen toe of af omdat we dat voor uw vroegere werknemer beleggen. Gaat het goed met de beleggingen? Dan groeit zijn of haar persoonlijk pensioenvermogen. Gaat het slecht met de beleggingen? Dan kan dat persoonlijk pensioenvermogen ook dalen. 

Lees meer over beleggen in de pensioenregeling

Waar kan uw medewerker zien hoeveel premie er naar het persoonlijke pensioenvermogen is gegaan?

Uw werknemer vindt de door u betaalde premie en waarvoor die is gebruikt op verschillende plekken terug. 

  • Op de loonstrook 
    Hier ziet uw werknemer elke maand hoeveel pensioenpremie u en uw werknemer betalen. 

  • Op het jaarlijkse uniform pensioenoverzicht (UPO) van uw medewerker
    Dit overzicht krijgt uw werknemer één keer per jaar van BPF Schilders. Daarin staat onder andere hoeveel premie er is ingelegd en wat dit betekent voor het pensioenvermogen. 

    Goed om te weten
    In 2026 krijgt uw werknemer niet het UPO dat hij of zij gewend is. Dat komt omdat we sinds 1 januari 2026 een nieuwe pensioenregeling hebben. Uw werknemer kreeg dit jaar in maart of april een definitieve berekening van het verwachte pensioen. Deze definitieve berekening is uw pensioenoverzicht voor 2026. Daarin staat hoeveel pensioen uw werknemer tot eind 2025 heeft opgebouwd en met welke bedragen hij of zij in de nieuwe regeling start. Vanaf 2027 ontvangt uw werknemer weer het UPO dat hij of zij gewend is.

Kan het verwachte pensioen van uw werknemer lager worden?

Ja, dat kan. Het verwachte pensioen van uw werknemer kan hoger of lager worden door ontwikkelingen in onder andere beleggingen en rente. 

Als u vroegere werknemer pensioen ontvangt, proberen we een verlaging van het pensioen zoveel mogelijk te voorkomen. Dit doen we onder andere met de gezamenlijke reserve (solidariteitsreserve). 

Hoe werkt die reserve? 
In de huidige regeling beweegt het pensioen onder andere mee met de beleggingsresultaten. Bij goede resultaten kan het persoonlijk pensioenvermogen sneller groeien. Bij tegenvallende resultaten kan het dalen. Om dalingen van uitkeringen op te vangen, houden we een reserve aan. Daarmee is het pensioen beter beschermd in mindere tijden, terwijl er ruimte blijft voor groei. We hebben deze solidariteitsreserve goed kunnen vullen. Er moeten heel veel slechte jaren na elkaar volgen, mocht dit fout gaan, maar het kan wel. Die kans is kleiner dan in het oude stelsel. 

Kan het pensioen van uw werknemer opraken?

Nee. Uw (vroegere) werknemer ontvangt pensioen zolang hij of zij leeft. Al wordt hij of zij 120 jaar.

Waarom spreiden we mee- en tegenvallers over 10 jaar?

Dat doen we omdat zo een positief of negatief verschil niet in één keer wordt meegeteld voor het pensioen of pensioenvermogen van uw (vroegere) werknemer.

In het eerste jaar verwerken we een derde deel van het resultaat. In de jaren daarna verwerken we steeds een deel van wat nog over is. In het tiende jaar verdelen we het laatste deel.

Dit gebeurt elk jaar opnieuw: in jaar 2 ontvangt u een derde deel van het spreidingsvermogen van dat jaar bij uw pensioenvermogen. In jaar 3 ontvangt u weer een derde deel van het spreidingsvermogen van dit jaar bij uw pensioenvermogen. 

Kort gezegd: we spreiden mee- en tegenvallers over 10 jaar. Zo voorkomen we dat uw pensioen in één keer sterk verandert.

Bijvoorbeeld 
Stel dat er in een jaar een meevaller is. Dan krijgt u in het eerste jaar een derde deel van die meevaller bij uw pensioen. De rest verdelen we over de jaren daarna. Is er later opnieuw een mee- of tegenvaller? Dan verdelen we die ook weer over 10 jaar.

Waar ziet uw werknemer de hoogte van het verwachte pensioen?

Uw werknemer kan inloggen op Infodesk. Hij of zij logt hier in met DigiD. Onder ‘Documenten’ vindt uw werknemer de definitieve berekeningsbrief. Daarin staat hoe hoog het verwachte pensioen is.  

Uw werknemer krijgt ook één keer per jaar een uniform pensioenoverzicht (UPO) van ons. Daarin staat hoe het verwachte pensioen zich heeft ontwikkeld. Het eerstvolgende UPO krijgt uw werknemer in 2027. 

Goed om te weten
Wilt uw werknemer een overzicht van al het pensioen dat hij of zij in Nederland heeft opgebouwd? Dat kan op mijnpensioenoverzicht.nl. Uw werknemer logt hier ook in met DigiD.

Veelgestelde vragen over beleggen

Hoe belegt BPF Schilders?

Wij beleggen het geld voor het pensioen van uw (vroegere) werknemer op verschillende manieren. Zo spreiden we de risico’s en zorgen we voor een zo stabiel mogelijk pensioen.

We vragen deelnemers hoeveel risico bij hen past. Daarmee maken we keuzes voor het beleggen van het totale pensioengeld.

Door het geld te verdelen over verschillende beleggingen, werken we aan een goed pensioen voor nu en later.

We beleggen onder andere in: 

  • Aandelen: dit zijn kleine stukjes van bedrijven.
  • Obligaties: dit zijn leningen aan landen en bedrijven.
  • Vastgoed: zoals woningen en andere gebouwen. 

 Lees meer over hoe we beleggen

Waarom belegt BPF Schilders het pensioenvermogen van mijn werknemer?

We moeten genoeg geld hebben om alle pensioenen te kunnen betalen. Beleggen levert op de lange termijn meer op dan sparen. Wij beleggen het pensioen van uw werknemer dus:  

  • Voor een goed pensioen
    De premie alleen is meestal niet genoeg voor een goed pensioen. Door te beleggen kan het pensioenvermogen van uw werknemer meer groeien.  

  • Om de premie betaalbaar te houden 
    Als we niet zouden beleggen, moet de premie die u en uw werknemer betalen hoger worden. Anders kunnen we de pensioenen nu en in de toekomst niet betalen. Beleggen helpt dus om de premie betaalbaar te houden.  

  • Om de koopkracht van het pensioen voor uw (vroegere) werknemer zoveel mogelijk te behouden
    We proberen ervoor te zorgen dat uw (vroegere) werknemer met het pensioen ongeveer evenveel kan blijven kopen. Dat noemen we koopkracht. Dit kunnen we niet zeker weten. Soms verhogen we het pensioen. Tegelijkertijd kunnen de prijzen stijgen. Dat noemen we inflatie. Stijgen de prijzen minder hard dan het pensioen? Dan blijft de koopkracht voor uw (vroegere) werknemer gelijk of wordt deze hoger. Stijgen de prijzen harder dan het pensioen? Dan kan uw (vroegere) werknemer minder kopen met hetzelfde pensioen. Een voorbeeld: 20 jaar geleden kostte een ijsje 50 cent. Nu betaalt uw werknemer voor hetzelfde ijsje 2 euro.

Hoe risicovol is beleggen?

Beleggen brengt risico’s met zich mee. Er kan van alles gebeuren waardoor de prijzen van aandelen dalen. Denk aan een economische crisis, politieke onrust, oorlogen of klimaatverandering. Daarom geven we veel aandacht aan het beoordelen van die risico’s.

BPF Schilders let bij het beleggen op risico’s die invloed kunnen hebben op de waarde van onze beleggingen. We letten bijvoorbeeld op: 

  • Renterisico: veranderingen in rente kunnen invloed hebben op onze beleggingen.
  • Marktrisico: de waarde van beleggingen kan schommelen door veranderingen in de markt.
  • Liquiditeitsrisico: soms kan het moeilijk zijn om beleggingen snel te verkopen zonder verlies.
  • Daarnaast houden we ook rekening met duurzaamheidsrisico’s. Lees meer over  duurzaamheidsrisico's

Door op al deze risico’s te letten, hopen we over een langere periode een beter resultaat te halen. 
 Lees meer over beleggingsrisico’s

Hoe spreidt en beperkt BPF Schilders de risico’s van beleggen?

BPF Schilders verdeelt de beleggingen over verschillende beleggingssoorten. Dat doen we omdat veranderingen in de markt niet elke beleggingscategorie even hard raken. Zo kan winst op de ene belegging verlies op een andere belegging opvangen. 

Lees meer over beleggingsrisico’s

BPF Schilders belegt ook maatschappelijk verantwoord. Wat betekent dat?

Dat betekent dat we letten op het milieu, mensenrechten en goed bestuur. BPF Schilders gelooft dat op deze manier beleggen voor betere resultaten zorgt over een langere periode.  

Lees meer over ons MVB-beleid